Highlights Prinsjesdag 2009
Belastingplan 2010
Op Prinsjesdag heeft het kabinet de voorstellen voor fiscale wijzigingen bekend gemaakt. Hieronder geven wij - op hoofdlijnen - een overzicht van de meest belangwekkende en interessante wijzigingen per 1 januari 2010 (en soms per 1 januari 2011). De voorstellen moeten nog worden goedgekeurd door de Eerste en Tweede Kamer en kunnen dus nog (aanzienlijk) wijzigen. Onderstaand overzicht dient dus uitsluitend een informatief doel.
Inkomstenbelasting
Volgens de plannen wordt de mkb-vrijstelling voor ondernemers in 2010 verhoogt van 10,5% naar 12%. Bovendien is het niet langer vereist om ten minste 1.225 uur per jaar in de onderneming te werken. Het gevolg is dat het fiscaal lucratiever wordt om een eigen bedrijf te starten terwijl men daarnaast nog een dienstbetrekking heeft.
Het wordt mogelijk om gedurende het jaar 2010 een pand dat ter beschikking wordt gesteld aan de eigen B.V. (dat wil zeggen een vennootschap waarin men een belang heeft van 5% of meer) zonder directe belastingheffing over te dragen aan deze B.V. Voorts zal er geen overdrachtsbelasting zijn verschuldigd.
Aanmerkelijk belanghouders die vermogensbestanddelen aan een eigen BV ter beschikking stellen, zoals de verhuur van een bedrijfspand, krijgen recht op enkele fiscale faciliteiten zoals de 12% MKB-winstvrijstelling (dan terbeschikkingsstellingsvrijstelling geheten), de herinvesteringsreserve en de kostenegalisatiereserve.
Voor geschonken aanmerkelijk belangaandelen komt er een doorschuifregeling zodat de belastingclaim doorgeschoven kan worden naar de verkrijger. Deze doorschuiffaciliteit geldt overigens uitsluitend voor zover de vennootschap een materiële onderneming drijft. Deze laatste voorwaarde gaat tevens gelden voor de doorschuifregeling bij verkrijging krachtens erfrecht.
De zelfstandigenaftrek kan vanaf 2010 alleen nog worden verrekend met winst uit onderneming. Wel wordt het mogelijk om het in een jaar onbenut gebleven deel van de zelfstandigenaftrek door te schuiven naar volgende jaren met een maximum van negen jaar. Deze maatregelen gelden niet voor startende ondernemers.
Schulden en vorderingen met betrekking tot de erfbelasting kunnen worden opgenomen in de rendementsgrondslag van het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen.
Banksparen wordt ook mogelijk gemaakt voor gouden handdrukken. Hierdoor kan de ontslagvergoeding in een eenvoudiger en goedkoper financieel product worden ondergebracht.
Er komt een andere waarderingsystematiek voor (vakantie)woningen in box 3. Het maakt voor de waardering niet langer verschil of een woning voor eigen gebruik is bestemd of voor de (vakantie)verhuur. De woning wordt altijd gewaardeerd op de WOZ-waarde. Alleen voor permanent verhuurde woningen waarop het huurbeschermingsrecht van toepassing is komen er speciale waarderingsregels.
Vanaf 2010 kunnen fiscale partners niet langer per vermogensbestanddeel kiezen aan wie dit wordt toegerekend, maar kan de grondslag (gemiddeld saldo van bezittingen en schulden verminderd met het heffingsvrij vermogen en toeslagen) onderling verdeeld.
Vennootschapsbelasting
Momenteel mag een B.V. haar fiscale verliezen slechts één jaar terugwentelen. Voor de jaren 2009 en 2010 kan deze termijn worden uitgebreid naar drie jaren. Deze maatregel biedt de mogelijkheid om de vennootschapsbelasting over de goede jaren 2006 en 2007 alsnog te verrekenen met verliezen uit 2009 en (eventueel) 2010. Met elk van de extra winstjaren (lees: 2006 en 2007) kan maximaal € 10.000.000 verlies worden verrekend. Indien voor deze verruiming van de achterwaartse verliesverrekening wordt gekozen, wordt de voorwaartse verliesverrekening verkort van negen naar zes jaar.
Eerder dit jaar is al de mogelijkheid geboden om bepaalde investeringen gedaan in 2009 in twee jaar versneld af te schrijven. Thans heeft het kabinet de regeling met een jaar verlengd, hetgeen betekent dat ook investeringen in 2010 versneld in 2 jaar mogen worden afgeschreven.
De regeling voor laagbelaste beleggingsdeelnemingen wordt versoepeld. Het voorstel is om een oogmerktoets in te voeren alsmede een versoepelde onderworpenheidstoets en een meer praktische bezittingentoets. De eerder in het zogenaamde consultatiedocument voorgestelde ingrijpende wijzigingen in onder andere renteaftrek en de invoering van de rentebox, zijn nog niet uitgewerkt. Deze wijzigingen worden waarschijnlijk later bekendgemaakt en mogelijk pas later ingevoerd.
De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) wordt verruimd. Het maximale percentage wordt verhoogd van 25% tot 28%. Het maximale bedrag aan KIA bedraagt € 15.120 per jaar en wordt bereikt bij een totaal investeringsbedrag tussen de € 54.000 en € 100.000. Over investeringen tussen de € 100.000 en € 300.000 wordt de aftrek afgebouwd naargelang het investeringsbedrag toeneemt.
De winst behaald met een immaterieel vast activum ter zake waarvan octrooi is verleend, dan wel dat is voorgekomen uit speur- & ontwikkelingswerk wordt door de werking van de innovatiebox (thans octrooibox) effectief belast tegen een vennootschapsbelastingtarief van slechts 5% (thans 10%). De maximering zoals deze thans in de wet is opgenomen wordt voor beide innovatieve activiteiten geschrapt. Wel geldt de maximering voor immateriële vaste activa voortgevloeid uit speur- & ontwikkelingswerk voorzover deze al vóór 1 januari 2010 zijn ondergebracht in de octrooibox.
Loonbelasting
In het doolhof van vrije vergoedingen en verstrekkingen, waarvoor zeer gedetailleerde en moeilijk uitvoerbare regels gelden, wordt met ingang van 1 januari 2011 aanzienlijk geschrapt. Het verstrekken van onbelaste kostenvergoedingen en verstrekkingen door werkgevers aan werknemers wordt daardoor eenvoudiger. Werkgevers kunnen straks 1,5 % van het fiscale loon onbelast vergoeden aan hun werknemers. Er gelden derhalve niet langer strenge regels voor bijvoorbeeld werkkleding, telefoongebruik etc. Ten aanzien van enkele specifieke beroepskosten, zoals bijvoorbeeld reis-, studie- en verhuiskosten blijven nog wel aparte regels gelden.
De directeur-grootaandeelhouder (dga) moet in beginsel verplicht een loon genieten van ten minste
€ 40.000 voor werkzaamheden die hij verricht voor zijn eigen B.V.(’s) (de zogenaamde gebruikelijk loonregeling). Vanaf volgend jaar gaat deze regeling eveneens gelden voor de partner van de dga.
Verder is de gebruikelijk loonregeling voortaan van toepassing per lichaam waarvoor arbeid wordt verricht. Er kan echter gebruik worden gemaakt van de doorbetaaldloonregeling, waardoor een dga zijn gebruikelijk loon ten aanzien van de hele groep uit één groepsmaatschappij kan genieten. Hiermee wordt voorkomen dat de dga bij elke groepsmaatschappij een gebruikelijk loon moet opnemen.
De gebruikelijk loonregeling wordt versoepeld voor de dga die slechts in beperkte mate werkzaamheden verricht voor de B.V., zoals werkzaamheden voor een pensioen-, belegging- of stamrecht-B.V. Is het gebruikelijk loon voor de uit te voeren werkzaamheden lager dan € 5.000, dan hoeft geen loon in aanmerking te worden genomen en hoeft er ook geen loonadministratie te worden gevoerd.
Tot slot zal de regeling uitsluitend nog gelden voor aanmerkelijk belanghouders en diens partners die feitelijk werkzaamheden verrichten voor de B.V. en dus niet langer voor aandeelhouders die uitsluitend vermogen ter beschikking stellen (zoals een bedrijfspand).
De staatssecretaris heeft in een beleidsbesluit als crisismaatregel goedgekeurd dat voor de jaren 2009 en 2010 het gebruikelijk loon tijdelijk mag worden verlaagd, ingeval zich in 2009 en 2010 een omzetdaling voordoet ten opzichte van 2008.
De verlaging mag plaatsvinden naar rato van het omzetverlies in het eerste kalenderhalfjaar van 2009 respectievelijk 2010, afgezet tegen de omzet in het eerste kalenderhalfjaar van 2008.
Er komt één loonbegrip (streefdatum van invoering is 1 januari 2011) voor loonbelasting, premieheffing volks- en werknemersverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet. Voor werkgevers betekent dit volgens het kabinet een forse vereenvoudiging en kostenbesparing. Voor werknemers wordt de loonstrook eenvoudiger.
Banen van werknemers onder de 23 jaar met een lager loon dan de loongrens worden per 2010 vrijgesteld van premieheffing en de bijdrage Zorgverzekeringswet. Per 2011 is het voornemen ook de loonheffing voor deze groep werknemers af te schaffen.
Diversen
De regels voor het melden van betalingsonmacht in het kader van de beperking van de bestuurdersaansprakelijkheid worden strenger. Een dergelijke melding kan uitsluitend nog schriftelijk plaatsvinden. Het voornemen is om op korte termijn een melding ook mogelijk te maken via de Belastingdienstsite waarop ondernemers plegen in te loggen.
Het schilderen en stukadoren van huizen ouder dan twee jaar (was vijftien jaar), schoonmaakwerkzaamheden in huis en educatieve moderne informatiedragers zoals cd-roms gaan onder het lage BTW-tarief van 6% vallen.
Voor elektrische auto’s hoeft in 2010 en 2011 geen bijtelling in aanmerking genomen te worden, terwijl in 2012, 2013 en 2014 voor dergelijke auto’s de bijtelling 7% van de cataloguswaarde zal bedragen.
Verder vervalt de motorrijtuigenbelasting voor zeer zuinige auto’s en wordt de korting op de BPM van zuinige auto’s verhoogd.
De vrijstelling van overdrachtsbelasting voor verkrijging van een monumentenwoningen komt te vervallen. Daarvoor in de plaats komt een subsidieregeling van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.
Met ingang van 1 januari 2010 zal de berekening van heffingsrente voor inkomsten- en vennootschapsbelasting aanvangen na afloop van het belasting- respectievelijk boekjaar, in de meeste gevallen 1 januari. Momenteel vangt de berekening al halverwege het jaar aan. Deze wijziging kan zowel voordelig als nadelig uitpakken.
Uw RSM Niehe Lancée contactpersoon kan u nog nader informeren over de details van de voorstellen. Aarzelt u niet om contact met hem of haar op te nemen. Wij zijn u graag van dienst.